De Malinese gitarist en zanger Mama Sissoko speelt op zijn nieuwe album Diamond Fingers een opmerkelijke mix van West-Afrikaanse manding cultuur met blues en jazz.
English version below
Mama Sissoko (1949) is een Malinese gitarist die zijn sporen binnen de West-Afrikaanse muziek al ruimschoots heeft verdiend. Weliswaar als sideman bij groepen als Orchestre National de Bamako en Super Biton de Ségou en als gastmusicus bij Santana en Herbie Hancock, maar tegenwoordig ook als leider, getuige zijn tweede album Diamond Fingers.
Sissoko wordt bijgestaan door conga-speler Noumou Keita en basgitarist Mohamed Sissoko (mooie bas-partij in Nakan). Zelf zingt hij, speelt gitaar en voegt diverse synthesizerklanken (drums, vibrafoon en fluit…etc.) toe. Op frisse wijze mengt hij blues en jazz met Afrikaanse ritmes en (repeterende) harmonieën, vaak twee wisselende akkoorden. Opvallend zijn de gitaarsolo’s (schitterend in het bezwerende Gniasso). Levendig gitaarwerk met virtuoze fragmenten die ook als begeleiding welig klinken (zoals in Douga en Silami Djama met fraaie 2de stem).
Sissoko’s gitaarstijl is het mengen van begeleidings- en solo-gitaarpartijen, waardoor er een scala aan gitaarklanken ontstaat. Hij gebruikt galm, delay en chorus in zijn spel, dat heerlijk samenkomt in het titelstuk. Een instrumentaal werk waarin hij solistisch helemaal los gaat en deze effecten over en door elkaar gebruikt en zo Diamond Fingers creëert.
Sissoko is een bevlogen zanger dat erg goed tot uiting komt in Massane Cisse. Een lied waarin hij zichzelf begeleidt op gitaar en wordt bijgestaan door conga-werk. In Sembelou horen we een opeenstapeling van repeterend gitaarspel, voor- en harmonische nazang, gelardeerd met solowerk in een ritmische ondersteuning. Zijn kritische teksten handelen over de absurditeiten waarmee postkoloniale immigranten te maken krijgen. Zo is het openingslied Commissariat een aanklacht tegen de Franse grenspolitie. Bijzonder zijn Hommage au Bitton en Diabari. Twee slotliederen die opvallen door de hypnotiserende melodieën en Afro-Cubaanse invloeden.
De opname van dit album vond zo’n 10 jaar geleden plaats. Het is mooi dat deze nu (eindelijk) worden uitgebracht, want voor goede muziek is het nooit te laat!
English version
Malian guitarist and singer Mama Sissoko plays a remarkable blend of West African Manding culture with blues and jazz on his new album Diamond Fingers.
Mama Sissoko (born 1949) is a Malian guitarist who has already made his mark in West African music. He has performed as a sideman with groups like Orchestre National de Bamako and Super Biton de Ségou, and as a guest musician with Santana and Herbie Hancock. He also performs as a leader, as evidenced by his new album Diamond Fingers.
Sissoko is accompanied by conga player Noumou Keita and bassist Mohamed Sissoko (a beautiful bass line in Nakan). He sings, plays guitar, and adds various synthesizer sounds (drums, vibraphone, flute, etc.). He refreshingly blends blues and jazz with African rhythms and (repeating) harmonies, often featuring two alternating chords. The guitar solos are striking (brilliant in the enchanting Gniasso). Lively guitar work with virtuoso fragments that also sound lush as accompaniment (as in Douga and Silami Djama, featuring a beautiful second voice).
Sissoko’s guitar style is the blending of accompaniment and solo guitar parts, creating a range of guitar sounds. He uses reverb, delay, and chorus in his playing, which comes together beautifully in the title piece. An instrumental work in which he goes completely wild as a soloist, layering these effects over and over again, creating Diamond Fingers.
Sissoko is a passionate singer, which is perfectly showcased in Massane Cisse, a song in which he accompanies himself on guitar, supported by conga lines. In Sembelou, we hear a series of repetitive guitar work, preludes, and harmonic echoes, interspersed with solo work in rhythmic support. His critical lyrics address the absurdities faced by postcolonial immigrants. The opening song, Commissariat, is an indictment of the French border police. Hommage au Bitton and Diabari are particularly noteworthy, two closing songs that stand out for their hypnotic melodies and Afro-Cuban influences.
Diamond Fingers was recorded about 10 years ago. It’s wonderful that these recordings are now (finally) being released, because it’s never too late for good music!
Mama Sissoko: Diamond Fingers (One World Records/ Xango)
© Mattie Poels.


Geen reacties